Installatieprincipe
Gebouw met plat dak
De maasmethode wordt in de regel bij gebouwen met platte daken toegepast. Dakelementen zoals bijv. PV-installaties, airconditioners, lichtkoepels of ventilatoren worden door extra opvangers beschermd.
| 1 | Klemstuk |
| 2 | Overbruggingsonderdeel |
| 3 | Dakleidinghouder |
| 4 | Leidinghouder |
| 5 | GeĂŻsoleerde afstandshouder |
| 6 | Standvoet opvanginrichting |
| 7 | Opvanger |
| 8 | Brandbeschermingsbandage over geĂŻsoleerde attikale plaat |
| 9 | Expansie/uitzetstuk |
| 10 | Vario-snelverbinder |

Gebouw met zadeldak/puntdak
De blootliggende elementen, bijv. de nok, schoorstenen en aanwezige dakelementen, moeten met opvanginrichtingen worden beschermd.
| 1 | Dakleidinghouders voor nokpannen |
| 2 | Vario-snelverbinder |
| 3 | Dakleidinghouder |
| 4 | Ronde geleider |
| 5 | Opvanger |
| 6 | Leidinghouder |
| 7 | Gootklem |



