Verklaringen
Certificeringen en keurmerken als uitdrukking van allerhoogste productkwaliteit
Productkwaliteit is bij OBO nauw verbonden met constante testen en controles: daarom fabriceren wij nagenoeg alle producten zelf. Deze enorme fabricagediepte is een uitdrukking van onze kwaliteitseisen. Van de constructie en de gebruikte grondstoffen via de fabricage tot en met de logistiek staan onze medewerkers persoonlijk in voor de kwaliteit en beschikbaarheid van de OBO-producten. Een groot aantal toelatingen onderstreept onze hoge eisen aan kwaliteit en productfunctionaliteit. Naast ons geïntegreerd kwaliteitsmanagement, dat de basis vormt van onze sinds 1994 bestaande ISO 9001-certificering en voor duidelijke en nageleefde processen staat, beschikken wij afhankelijk van het product en het toepassingsgebied over meer productspecifieke certificaten. Deze garanderen, dat de betreffende producten aan de nationale normen voldoen en worden door onafhankelijke certificeringsinstituten toegekend. Bovendien is er, afhankelijk van het certificaat en het instituut, sprake van jaarlijks terugkerende audits, om de actuele productieprocessen te controleren.

VDE-goedkeuring
De VDE is de vereniging van elektrotechniek, elektronica en informatietechnologie, hun wetenschappen en de technologieën en toepassingen die daarop zijn gebaseerd. De VDE-markering voor elektrotechnische inrichtingen markeert de conformiteit met de VDE-bepalingen resp. Europese of internationaal geharmoniseerde normen en bevestigt het aanhouden van de veiligheidseisen van de betreffende richtlijnen. De VDE-markering staat voor de veiligheid van het product voor wat betreft elektrische, mechanische, thermische, toxische, radiologische en overige gevaren. De VDE-markering certificeert dat onze producten, zoals bijvoorbeeld de kabelgoot RKSM, correct zijn getest overeenkomstig de geldende normen.

Noord-Amerikaans keurmerk voor kabeldraagsystemen
Vele OBO-producten zijn gecertificeerd voor toepassing in de USA en Canada. De Noord-Amerikaanse markten vereisen concrete bewijzen voor wat betreft productveiligheid en normconformiteit, met name bij bouwprojecten, industriële toepassingen en openbare aanbestedingen.
De volgende keurmerken van UL (Underwriters Laboratories) en CSA (Canadian Standards Association) zijn in de praktijk van doorslaggevend belang voor de productkeuze en toelating.
UL Listed
Het merkteken UL Listed bevestigt, dat een compleet eindproduct, bijvoorbeeld een kabelgoot, een kast of een verdeler, door UL is getest en conform de geldende US-veiligheidsnormen is vrijgegeven. De beproeving vindt plaats onder realistische bedrijfsomstandigheden en omvat o.a. de elektrische veiligheid, materiaaleigenschappen en brandwerendheid.
Doelmarkt: USA
Typische toepassing: voor de directe toepassing in het veld, vaak vereist bij industriële projecten of openbare gebouwen.

cUL Listed
Het equivalent van het UL Listed-keurmerk voor Canada. Ook hier wordt het complete product getest, echter alleen conform de eisen van de Canadian Electrical Code (CEC) resp. CSA-Normen. De kleine "c" links in het logo, geeft de Canadese toelating aan.
Doelmarkt: Canada
Bijzonderheid: Ook bij de UL-certificering is een afzonderlijk keurmerk voor Canada nodig.

cULus Listed
Dit keurmerk combineert de toelatingen voor de USA en Canada. Deze geeft aan, dat het product in beide landen conform de normen kan worden toegepast, en bespaart zo op een dubbele certificering.
Doelmarkt: USA & Canada
Aanbeveling: Ideale oplossing voor internationale projecten of serieproducten voor export naar Noord-Amerika.

UL Recognized Component
Dit keurmerk is voor losse componenten bedoeld, die later in een totaal systeem worden geïntegreerd, bijvoorbeeld klemmenstroken, connectoren of interne schakelkastelementen. De beproeving is toepassingsspecifiek en gericht op de veilige werking in het latere product.
Doelgroep: OEM's, apparaatbouwers, schakelkastbouw
Opmerking: geen vervanging voor UL Lister, wanneer het eindproduct moet worden gecertificeerd.

UL Classified
Hierbij gaat het om een doelgerichte beoordeling van bepaalde eigenschappen, bijv. brandbestendigheid (UL94), IP-classificatie of EMC-gedrag. Met name relevant voor bouwdelen met gedefinieerde veiligheidsfunctie, bijv. brandwerende kabeltracés of behuizingen in ruwe omgeving.
Doelmarkt: USA (deels ook internationaal)
Technische basis: Combinatie van UL-testmethoden en normen zoals NEMA, ANSI, enz.

CSA-keurmerk
CSA-us
Dit keurmerk wordt door de CSA Group voor producten uitgegeven, die conform US-Amerikaanse regelgeving is beproefd. Technisch is deze verregaand gelijkwaardig aan UL, maar wordt door een ander certificeringsinstituut uitgegeven.
Doelmarkt: USA
Praktijkrelevant: wordt vaak als gelijkwaardig alternatief voor UL geaccepteerd, bijv. bij lokale overheidsvergunningen (AHJ).

CSA
Markeert producten, die volledig conform Canadese normen (bijv. C22.2) zijn beproefd en toegelaten. CSA is in Canada een door de overheid goedgekeurde testinstantie.
Doelmarkt: Canada
Typisch bij: Installaties met bewijsplicht conform de Canadian Electrical Code (CEC).

CSA-us/c
Gecombineerd keurmerk voor beide markten. De CSA Group beproeft daarbij conform US- en Canadese normen en bevestig de onbeperkte toepasbaarheid in beide landen.
Doelmarkt: USA & Canada
Praktijkvoordeel: Minder testinspanningen vereenvoudigde opname in aanbestedingen en normbewijzen.

EPD Environmental Product Declaration
De eisen aan duurzame productieprocessen en vraag naar milieuverklaringen architecten en planners nemen steeds verder toe omdat deze steeds vaker dienen als basis voor de besluitvorming over de optimale combinatie van bouwproducten.
Een milieuproductverklaring verschilt van certificaten zoals de UL-certificering, omdat hier de gegevens van de onderneming en het product niet worden beoordeeld, maar alleen conform de hierna beschreven normen worden samengevat. Uitgangspunt voor een EPD zijn de internationale normen ISO 14025 en EN 15804, die aan de ene kant de uitgangspunten en methoden voor het type II-milieukeurmerk regelen en aan de andere kant afhankelijk van het bouwproduct de betreffende productcategorie definiëren. Levenscyclusanalyses dienen voor het opstellen van EPD's en worden conform DIN EN ISO 14040 en 14044 opgesteld.
EPD's maken niet alleen de milieuboekhouding en beoordeling van gebouwen mogelijk, maar ook de integrale planning. Al in de ontwerpfase vergelijken architecten en gespecialiseerde planners met behulp van EPD's verschillende componenten, constructies en varianten en kunnen zo voor elk afzonderlijk gebouw de ideale combinatie van bouwproducten selecteren.

Dankzij EPD's voor materialen, bouwproducten en bouwcomponenten kunnen nu ook ecologische aspecten in de duurzaamheidsanalyses van bouwwerken worden opgenomen. Daarbij gaat het met name om de basisinformatie voor de beoordeling van de ecologische gebouwkwaliteit. De in EPD's aanwezige uitgebreide en tegelijk gedetailleerde levenscyclusanalysegegevens en informatie zijn in een gestandaardiseerd formaat op slechts enkele pagina's overzichtelijk samengevat.
Daarbij wordt rekening gehouden met de fasen van fabricage en afvoeren in een levenscyclusanalyse. Bovendien zijn onze EPD's via de Duitse maatschappij voor duurzaam bouwen (Deutsche Gesellschaft für Nachhaltiges Bauen, DGNB) gepubliceerd en dragen ze in dit verband het DGNB-label. Zodoende vormen de internationaal erkende EPD's een belangrijke hoeksteen in de gebouwcertificeringssystemen van DGNB, BNB, BREEAM en LEED
Functiebehoud voor veiligheidsrelevante elektrische installaties
In geval van een brand moeten belangrijke technische voorzieningen zoals noodverlichting, brandmelders en rookafzuiging blijven werken. Bovendien moeten bepaalde technische installaties de brandweer bij de brandbestrijding gedurende een voldoende lange periode ondersteunen. Om de voeding en daarmee het functiebehoud voor deze elektrische installaties in geval van brand te waarborgen, moeten de betreffende installaties met speciale leidingen en installatiesystemen worden uitgevoerd.
Technische inrichting met functiebehoud worden voor de volgende gebouwen en installaties vereist: ziekenhuizen, hotels en restaurants, flats, vergaderruimten, bedrijfsgebouwen, gesloten garages, metrostations, chemische industrie, energiebedrijven en tunnels. Deze bouwwerken worden regelmatig door veel mensen bezocht, waardoor een verhoogd veiligheidsrisico voor bijeenkomsten van personen resulteert. Maar ook op de bescherming van objecten en het milieu moet bij bepaalde installaties gelet worden.
De eis voor een elektrotechnische installatie met functiebehoud is onderdeel van de bouwwetgeving. Daarbij heeft het functiebehoud uitsluitend betrekking op de bereiken, die voor de voeding van veiligheidsrelevante elektrische installaties. Daarbij behoren naast de al genoemde voorbeelden ook alarmsystemen of automatische blusinstallaties. De regelgeving schrijft voor dat de energievoorziening ook in geval van brand gedurende een bepaalde tijd moet worden gegarandeerd.

Kabelinstallaties met geïntegreerd functiebehoud
Onder een kabelinstallatie met geïntegreerd functiebehoud conform DIN 4102 deel 12 verstaat men het installatiesysteem (kabelladder, kabelgoot, klemmen enz.) in combinatie met speciale kabels resp. leidingen. Het bewijs van het functiebehoud moet door een brandbeproeving door een onafhankelijk materiaaltestinstituut worden geleverd. Afhankelijk van de doorstane werkingsduur krijgt de kabelinstallatie de classificatie E30, E60 of E90. Deze wordt in een testcertificaat gedocumenteerd.
Momenteel is er nog geen Europese norm voor functiebehoud, maar wel enkele nationale testvoorschriften, bijv. conform PAVUS in Tsjechië. Het meest verspreid en geaccepteerd is de beproeving conform DIN 4102 deel 12. Aan de Europese normen wordt momenteel gewerkt.






Gecertificeerde brandbeveiliging: betrouwbare oplossingen voor veilige gebouwen
Of het nu gaat om toepassingscertificaten of test- en classificatienormen – met ons behoudt u het overzicht.
DIN 4102 deel 12: inhoud en eisen
DIN 4102 deel 12 definieert standaard installatiesystemen met bijbehorende montageparameters. Bovendien bestaan zogenaamde kabelspecifieke installatietypen, die rendabele toepassingen mogelijk maken, bijv. door het verhogen van de bevestigingsafstanden of hogere toegelaten kabellasten. De beproevingen conform DIN 4102 deel 12 zijn aanvullende beproevingen naast de eisen uit de normen voor de elektrotechnische en mechanische toepassingen. Meer informatie is via de OBO brandbeveiligingsgids te vinden.
VDE 0100 aarding: definitie, juridische en normatieve uitgangspunten
Kabeldraagsystemen moeten voor de toelating normatief voldoen aan de DIN EN 61537 "Kabelbaansystemen en kabelladderssystemen voor het onderbrengen van elektrische leidingen". Onderdeel van de DIN EN 61537 is onder punt 11 - elektrische eigenschappen - ook het bewijs van de doorgaande elektrische geleidbaarheid.
Of een draagsysteem moet worden opgenomen in de potentiaalvereffening wordt op een andere plaats vastgelegd. Conform de algemeen geldende dimensionering van de DIN VDE 0100 hoeft een kabeldraagsysteem niet in de potentiaalvereffening te worden opgenomen, omdat over het algemeen kabels en leidingen worden geïnstalleerd, die naast de mantel- ook een aderisolatie hebben. Omdat er conform de VDE geen dubbele fout is, is normatief door deze dubbele isolatie uitgesloten, dat het draagsysteem in geval van storing onder spanning kan staan.
Wanneer het draagsysteem echter conform DIN VDE 0100 deel 410 als extern geleidende component binnen het handbereik wordt gedefinieerd, dan moet het inde potentiaalvereffening worden opgenomen. Installatiekanalen resp. apparatuurinbouwkanalen van metaal of stijgtracés zijn daarvoor typische voorbeelden.
Wanneer op os in de kabeldraagsystemen kabels voor de informatietechniek worden geïnstalleerd, moeten de draagsystemen verplicht in de potentiaalvereffening worden opgenomen.
Dat geldt de DIN EN 50174-2 "Informatietechnologie - Installatie van bekabeling - Deel 2: Planning en werkwijze in gebouwen". Conform deze moet het draagsysteem volgens punt 5.3.3.2 "Elektrische geleidende kabelbaansystemen" en 5.3.3.3 "Elektromagnetische afscherming" in de potentiaalvereffening worden opgenomen.
Om zeker te zijnen in geval van storing een veilig afschakelen van de foutstromen te garanderen, adviseert OBO in principe, draagsysteem voor kabelinstallaties in de potentiaalvereffening op te nemen.
Internationale normering
De internationale normering is op het gebied van de elektrotechniek door het IEC (International Electrotechnical Commission) als organisatie voor het invoeren van internationale normen uitgegeven. In deze commissie zijn 173 landen vertegenwoordigd, die meewerken aan de harmonisatie van de normen.
Deze landen op hun beurt hebben nationale comités en commissies die de nationale belangen vertegenwoordigen. Als voorbeeld is voor Duitsland de DKE (Deutsche Kommission Elektrotechnik) de verantwoordelijke organisatie voor de implementatie van normen. Deze organisatie is lid van de IEC en de CENELEC (Europees comité voor elektrotechnische normering).
Elke lidstaat heeft een nationale commissie en stuurt expert naar de verschillende comités voor het opstellen van internationale normen.
Deze nationale commissies kunnen echter, op basis van de internationale normen, afwijkingen voor de geldende nationale norm vastleggen. Dat betekent, dat er afwijkende eisen kunnen bestaan ten opzichte van een IEC-norm.
Hiervoor bestaan bepaalde regels, waar het nationale comité zich aan moet houden. Een belangrijk aspect is, dat de afwijkingen alleen een verscherping van de actueel geldende IEC-norm mag zijn. Versoepelen of bagatelliseren van de eisen is niet toegestaan.

Structuur van de normeringsorganisaties
Internationale normen ontstaan niet geïsoleerd, maar in samenwerking tussen verschillende organisaties op internationaal, regionaal en nationaal niveau. Deze structuur waarborgt, dat technische normen wereldwijd vergelijkbaar zijn, maar tegelijkertijd ook kunnen worden aangepast op nationale bijzonderheden.
Terwijl organisaties zoals IEC, ISO of ITU wereldwijde normen ontwikkelen, zorgen comités zoals CENELEC of ETSI voor de Europese harmonisatie. Nationale commissies zoals de DKE of de DIN zorgen tenslotte voor de implementatie en vertegenwoordigen daarbij de belangen van hun land.
Voor planners, bouwmanagers en installateurs is een overzicht van deze structuur nuttig, om normen correct te kunnen indelen, verantwoordelijkheden te herkennen en projecten conform de normen uit te voeren.
Internationaal niveau
ISO – International Organization for Standardization
Wereldwijde organisatie voor algemene technische, organisatorische en systematische normen. Voorbeeld: ISO 9001 (kwaliteitsmanagement), ISO 14001 (milieumanagment).
→ Toepassingsgebied: sectoroverschrijdend, wereldwijd geldig

IEC – International Electrotechnical Commission
Verantwoordelijk voor internationale normen op het gebied van de elektrotechniek. Regelt o.a. elektrische veiligheid, beschermingsklassen, installatiebouw, testmethoden.
→ Typische norm: IEC 61439 voor laagspannings-schakelapparaatcombinaties

ITU – International Telecommunication Union
Organisatie van de Verenigde Naties voor wereldwijde normen op het gebied van telecommunicatie. Coördineert bijv. frequentiespectra, 5G-normen, internetprotocollen.
→ Relevantie: bij alle projecten met netwerktechniek, gegevensoverdracht of radiografie

Europees niveau
CEN – Comité Européen de Normalisation
Verantwoordelijk voor de ontwikkeling en harmonisatie van Europese normen in niet-elektrotechnische sectoren, bijv. bouwproducten, machines, dienstverlening.
→ Basis voor CE-markering van vele producten

CENELEC – Comité Européen de Normalisation Électrotechnique
Europese tegenhanger van de IEC op Europees niveau. Werkt normen uit voor de Europese binnenmarkt, bijv. voor kabels, veiligheidssystemen, EMC.
→ Verband: Uitgangspunt voor vele DIN EN normen op het gebied van de elektrotechniek

ETSI – European Telecommunications Standards Institute
Ontwikkelt Europese normen voor telecommunicatie, radiografie, internet en netwerksystemen (bijv. IoT, 5G, Smart Grid).
→ Relevantie: Overal waar technologie voor gegevensoverdracht wordt toegepast

Duits niveau
DIN – Deutsches Institut für Normung e. V.
Centrale nationale normeringsorganisatie in Duitsland. Spiegelt Europese en internationale normen (bijv. DIN EN of DIN ISO) en ontwikkelt eigen normen.
→ Betekenis: vaak direct in technische regels of wettelijke voorschriften opgenomen

DKE – Deutsche Kommission Elektrotechnik im DIN und VDE
Verantwoordelijk voor alle elektrotechnische normen in Duitsland. Representeert de Duitse belangen in IEC en CENELEC, geeft o.a. VDE-normen uit.
→ Belangrijk: bijv. voor installatienormen conform DIN VDE 0100 of productnormen

EG-conformiteitsverklaringen
De conformiteitsverklaring is een schriftelijke bevestiging van een conformiteitsbeoordeling. Daarmee verklaart en bevestigt de verantwoordelijke, dat een product, een dienst of een organisatie de op de verklaring gespecificeerde eigenschappen heeft.
Het onderwerp van een conformiteitsverklaring niet beperkt. Dat wil zeggen, de conformiteit van producten, processen, personen, posities of managementsystemen kan worden verklaard.
De CE-markering volgt uit een EG-conformiteitsverklaring en is een conformiteitskeurmerk, dat aangeeft, dat een product overeenkomt met de harmonisatievoorschriften van de Europese Unie. Dit is de zichtbare consequentie van het gehele proces van de conformiteitsanalyse en de daaruit resulterende conformiteitsverklaring.
De CE-markering is dus een "beeldmarkering" en is geen afkorting.
De CE-markering wordt altijd door de fabrikant aangebracht en wel goed zichtbaar, leesbaar en permanent op het product of de producttypeplaat. Wanneer dit niet mogelijk is, kan het ook op de verpakking of de begeleidende documentatie worden aangebracht.
Voor het opstellen van een conformiteitsverklaring en de daaruit resulterende CE-markering moet echter met een aantal zaken rekening worden gehouden, die absoluut verplicht moeten worden aangehouden. De "Verantwoordelijke fabrikant" of zijn gevolmachtigde, gevestigd in de EU, bevestigd in alleenvertegenwoordiging de rechtsgeldigheid.
- Een conformiteitsverklaring kan alleen met een richtlijn van het Europese parlement en de Raad worden opgesteld.
- De harmonisatie van de wetgeving van de lidstaten betreffende vrije toegang tot de markt is in de richtlijnen beschreven.
- De basis van de conformiteitsbeoordeling en het opstellen van de verklaring zijn de geharmoniseerde normen en standaarden, die aan de betreffende richtlijn zijn toegekend.
- Producten en andere diensten, die aan een norm of standaard kunnen worden toegewezen, die niet met een richtlijn zijn geharmoniseerd, mogen niet met een conformiteit worden gecertificeerd. Deze producten moeten met een fabrikantverklaring met benoeming van de gebruikte norm worden gecertificeerd
De benodigde inhoud van de EU-conformiteitsverklaring is vastgelegd in de afzonderlijke EU-richtlijnen. Eisen aan de vorm en het uiterlijk zijn daarentegen niet gesteld. Algemene eisen aan de inhoud van conformiteitsverklaringen en ook voorstellen voor de vormgeving zijn in de normen EN ISO 17050-1 en EN ISO/IEC 17050-2 en in de Blue Guide van de Europese Commissie opgenomen.
Aanvullende informatie

Overzicht kabeldraagsystemen
Robuust, betrouwbaar, duurzaam – leer kabeldraagsystemen beter kennen en ontdek meer over corrosie, oppervlakken en materialen.

Het passende kabeldraagsysteem vinden
Hoe kiest men het juiste kabeldraagsysteem voor een installatieproject? Wij laten u zien, waarom bijvoorbeeld kabelvolume en kabellast belangrijke criteria zijn.

Windbelastingen: daarmee moet bij het ontwerpen rekening worden gehouden
Wind kan een echte test zijn bij de installatie. Hier ontdekt u, hoe u kabeldraagsystemen betrouwbaar beveiligt tegen windbelastingen.

IEC 61537:2006 – Eisen voor kabeldraagsystemen
Aan welke eisen moeten kabeldraagsystemen voldoen? De productnorm IEC 61537:2006 legt duidelijke normen vast voor belastbaarheid, veiligheid en markering.

Beveiligt tegen storingen: EMC-afschermingsdemping bij kabeldraagsystemen
Elektromagnetische storingsvelden kunnen uitval van complete installaties veroorzaken. Magnetische afschermingsdemping door passend geïnstalleerde kabelinstallatiesystemen zorgt voor bescherming.